DE MUTS
Het is 90 graden in de cabine. De lucht is zo droog dat je wimpers spontaan schroeien, de luchtvochtigheid daalt richting het niveau van een magnetron, en iedereen zit er natuurlijk bij zoals moeder natuur het bedoeld heeft, in hun blote bast. Maar naakte lijven zijn blijkbaar niet meer genoeg. Welkom bij het nieuwste verschijnsel in wellnessland: de Saunamuts.
Want blijkbaar is er ergens een trendwatcher opgestaan die dacht weet je wat déze zweethut mist? Een mode-statement. Het resultaat? Een bonte verzameling volwassen mensen die erbij zitten alsof ze weggelopen zijn uit een castingcall voor Plopsaland. Het is het enige kledingstuk dat je draagt, maar man, wat pakken we uit.
Links op het bovenste bankje waar de stoom de huid van je gezicht pelt zit een vrouw van superriant formaat. Ze draagt geen gewoon vilten hoedje. Nee, ze heeft een levensgroot aardbeienkroontje op haar langzaam rood wordende bol. Alsof ze zojuist is uitgesneden uit een zomers toetje en nu langzaam zit te smelten op de houten latjes.
Rechts van haar zit een man met een baard tot op zijn navel. Hij kijkt alsof hij het mysterie van het heelal heeft ontrafeld, maar draagt ondertussen een beukennotenmuts met een punt waar hij de man boven onder zijn kin kietelt.
Je verwacht elk moment dat hij “Klop klop, wie zit er aan mijn beukennoot?” gaat roepen. Als kabouter Plop of Paulus de Boskabouter nu om de hoek komt kijken met een gieter eucalyptus water, kijkt niemand daar meer van op.
En dan heb je de saunawetenschappers. Want over die vilten badmutsen bestaan twee kampen.
Het eerste kamp “Thermo-Isolatie”: Nee maar luister, je hoofd blijft hierdoor héél koel! Natuurlijk, want vilt op je kop bij 90 graden is géén stoofpotje?.
En dan kamp “Natuurkunde”: Je koelt juist af via je hoofd, dit is thermodynamische zelfmoord!
Ondertussen zit iedereen gewoon met een rood aangelopen hoofd onder hun kabouterhoofddeksel te puffen. Maar het échte koningsdrama ontspint zich pas wanneer de Matchmakers de cabine binnenstappen.
Helemaal charmant is het namelijk wanneer de handdoek waar je op zit exact gematcht is met je muts. Tot overmaat van ramp stapt er een zweetganger binnen met een neongele muts. En geloof het of niet ook haar handdoek is neongeel, maar jeetje haar zwembadslippers buiten de deur zijn dát ook. Het is een volstrekt gecoördineerde visuele aanval op je netvlies.
Dus daar zit je dan. Zwetend op een houten bankje, poedelnaakt, te staren naar een geel jurkloos figuur, een smeltende aardbei en een beukennoot met een baard. De sauna is geen plek voor ontspanning meer. Het is een aflevering van De Fabeltjeskrant, maar dan zonder kleren.
Volgende week ga ik gewoon met een rode duikbril, rode kerstmuts, rode slippers en rode handdoek. Als we toch willen matchen, laten we het dan meteen goed doen.