Van geitenwollensok naar ijzerwarenwinkel: de “moderne” blootloper bekeken
Als traditionele naturist al dan niet behorend tot de nostalgische geitenwollensokkengarde kijk je op het hedendaagse zonneterrein je ogen uit. De tijden veranderen, en het menselijk canvas verandert mee. Soms zie je op het terrein dingen voorbij dansen die je met de beste wil van de wereld geen plaats kunt geven, laat staan dat je begrijpt hoe het blijft hangen. Een cultuurschok op anderhalve meter hoogte, samengevat in de volgende observationele verbazing.
Vroeger werd verteld dat het optuigen van de genitaliën (wat een woord trouwens, het klinkt eerder als een acute soa) volstrekt normaal was. Vooral bij indianenstammen en ronkende krijgers. Die trend is destijds vrolijk overgewaaid. Eerst naar de oorlellen, toen naar de navel, en via de lippen en tepels zakte de metaalmoeheid steeds verder naar het zuiden. Waar vroeger een weelderige, ondoordringbare haardos zat, tref je nu een discobal aan. Tot in de allerdiepste krochten glinstert het je tegemoet.
Ook in het naturisme rukken nu de roestvrijstalen gewichten, ringen en haken op. Er hangen tegenwoordig kilo’s aan de man—en dan bedoel ik niet die bierbuik. Sommige traditionele blootlopers moeten niks hebben van die glimmende kerstversiering tussen de benen. De jongere en kleinste generatie ‘blootpiepers’ kijkt er grinnikend naar met een blik van: laat die man lekker knutselen.
De absolute koploper in deze metaalwarenzaak is de Cockring. Vroeger naar horen zeggen het exclusieve speelgoed van de gays, maar tegenwoordig loopt soms de gemiddelde heteroman ook met zo’n industriële klem rond in alle soorten en maten. Wat het nut ervan is buiten het trekken van acute aandacht bij de schoenenvakken in de hal weet alleen de drager of zijn partner. Je durft het simpelweg niet te vragen. Je bent toch bang dat je een handleiding van de Gamma meekrijgt.
Of al die ijzerwaren het imago van de naturist nu echt opvijzelen, blijft de vraag. Laten we vooral hopen dat het ijskoude water van het zwembad de boel niet laat krimpen, want als die ringen los gaan rammelen want dan ligt de boel op de bodem. En wat die doorgewinterde dames met een 6 intieme piercings voelen als ze over een klinkerweg of over een drempel fietsen? Dat blijft voor de niet-drager een mysterie van buitenaardse proporties.
Tot slot een gouden advies voor de heren: kijk heel goed uit bij het urinoir. Volgens ervaringsdeskundigen verandert een specifieke ring de boel daarbeneden namelijk in een dolgedraaide tuinsproeier. Voor je het weet staat de man naast je niet alleen zijn eigen voeten maar ook die van jou te bewateren.